Skip to content

De Metamorfoses van de Democratie

05/04/2011

 

 

In juni 2010 werd in de universiteit van Leiden eenconferentie georganiseerd over democratie en constitutionalisme. Het middelpunt vormde een beschouwing van de Engelse hoogleraar Neil Walker, een deskundige bij uitstek op dit vlak. Daarop gaven vier wetenschappers (jurist, politicoloog, filosoof) hun visie en vervolgens was er discussie.

Het geheel aan teksten voor die dag geproduceerd, is gepubliceerd in een bijzonder nummer van het tijdschrift Rechtsfilosofie & Rechtstheorie (R&R) (nr. 3, 2010). Omdat democratie een socio-politiek verschijnsel is dat anarchisten na aan het hart ligt, volgt hier mijn commentaar op een en ander. Tegelijk besteed ik aandacht aan twee recent gepubliceerde boeken. Ik doe dat omdat de onderwerpen daarin behandeld, hadden kunnen bijdragen tot een meer zinvolle uitwerking van het conferentieonderwerp.

Limited government?

In zijn betoog maakt Neil Walker duidelijk hoe het constitutionalisme in relatie staat met democratie. Constitutionalisme verwijst dan naar het ideaal van ‘limited government’. Het constitutionalisme omvat mede de creatie van vrijheidsruimtes voor de burgers, dat wil zeggen ruimtes waar de burger gevrijwaard is van staatsingrijpen.

Democratie beschouwt Walker in de zin van ‘het ideaal van regering door het volk’ als een incompleet ideaal. Die incompleetheid doet zich naar zijn opvatting voor in empirische en normatieve zin. Je zou nu denken dat het vervolg van het betoog leidt tot het verschaffen van inzicht hoe die incompleetheid op te heffen. Dat is niet het geval: de representatieve democratie blijft representatieve democratie.

Dit betekent dat de wijze waarop dit onderwerp wordt behandeld een naar binnen gericht betoog oplevert. Zo blijft het ideaal noodzakelijkerwijs incompleet: het speelveld van de ‘representatie’ wordt niet verlaten. De vier referenten doen daar, ieder op hun eigen wijze aan mee. Het geheel levert daarmee een voorbeeld van bloedloze staastsrechtswetenschap. Had het ook anders gekund? Ik meen van wel.

In de eerste plaats moet worden bedacht dat een ideaal niet ‘incompleet’ kan zijn. Als dat wel zo is, dan moet je het geen ideaal noemen. Iets kan een ideaal benaderen, een ideaal kan onbereikbaar blijken te zijn. Dat geldt ook voor ‘democratie’.

In de tweede plaats kan een democratie gebreken vertonen en ten derde kan ‘democratie’ een metamorfose ondergaan. Dit laatste maakt dat ik ‘democratie’ als een van die begrippen beschouw, die verwijzen naar een virtuele figuur waarvan de geometrie afhankelijk is van socio-politieke wilsvorming van individuen.

De geometrie van democratie die ‘vertegenwoordigend’ wordt genoemd, wordt gegenereerd door de politieke wil om het bestaan van het kapitalisme veilig te stellen. Zo is ten behoeve daarvan de ‘vertegenwoordiging’ opgelegd (ook al heb ik niet mijn toestemming gegeven, toch word ik vertegenwoordigd) en ontkoppeld (de vertegenwoordigers stemmen zonder last; zij beschikken met andere woorden over een ‘blank mandaat’). Autoritarisme is in deze vorm van democratie dus een immanent element. Dit maakt onderdeel uit van het Nederlandse constitutionele recht.

Wie over constitutionalisme schrijft zoals Neil Walker, zal over dit type onderdelen niet mogen zwijgen. Ook behoort men zich verplicht te voelen om aandacht te schenken aan de mogelijkheid dat het constitutionalisme kan worden ‘geaborteerd’. Hij moet ook overdenken hoe het daartegen te behoeden. Ik bedoel daarmee het volgende.

Het constitutionalisme beoogt onder meer staatsvrije ruimtes te creëren voor burgers. Maar we zien dat die ruimtes kleiner worden door privacy-schendende en repressieve maatregelen door autoritaire instanties. Hoewel daardoor de vrijheid steeds verder wordt ingeperkt blijkt het constitutionalisme daartegen geen barrière te vormen en toch blijft men spreken over ‘democratie’. Dat heeft zich zelfs in het meest schokkende geval in de geschiedenis van de eerste helft van de twintigste eeuw voorgedaan: het nazisme.

De bijdragen in R&R nr. 3, 2010 gaan aan dit soort zaken voorbij en laten de uitgangspunten van wat parlementaire democratie wordt genoemd, ongemoeid. Daarmee blijft ook ongemoeid de kritiek op dit stelsel geuit ter linker zowel als ter rechterzijde van het politieke spectrum. Ik ben daar ontevreden over, reden om er op in te gaan vanuit twee recente publicaties. De ene gaat over democratie en totalitarisme en is van de hand van de Franse denker, historicus en socioloog, Marcel Gauchet. De andere gaat over participatie-democratie van de Vlaams-Amerikaanse antropologe en activiste, Marianne Maeckelbergh.

Totalitarisme

In zijn lijvige boek getiteld À l’épreuve des totalitarisme 1914-1974 neemt Marcel Gauchet de geschiedenis van deze beproeving door. Hij laat zien hoe elke staatsleer doordrenkt is van ‘seculiere religie’. Zonder het aldus expliciet te noemen wordt duidelijk dat de bron ervan te vinden is bij de door de eeuwen heen gegroeide institutie van de rooms-katholieke kerk (de inquisitie, het pausdom, het Vaticaan). De wereldse culminatiepunten die Gauchet noemt en uitgebreid behandelt zijn: bolsjewisme, fascisme, nazisme.

Deze drie politieke regiems worden door hem gevolgd en hun staatsleren geduid. Hij beschrijft de ontwikkelingen, hoe kan het ook anders, in het licht van verschillende crisis (economisch, politiek, etc.). Tevens maakt Gauchet het verschil tussen autoritarisme en totalitarisme duidelijk. Vanzelfsprekend plaatst hij ze in het teken van de falende representatieve legitimiteit. De regiems behandelt hij als totalitaire antwoorden op de crisis van de vertegenwoordiging. Maar opmerkelijk: in alle drie de gevallen blijft men het hebben over ‘democratie’.

Democratie ondergaat dus telkens een metamorfose. Zo is er geen parlementarisme meer, maar wel wordt de ‘techniek van de dialoog met het publiek’ in de praktijk gebracht. Deze is met name plebiscitair georganiseerd. De jurist van het Italiaanse fascisme, Alfredo Rocco (1875-1935), die onder Mussolini de post van minister van justitie aanvaardt, legt uit dat de (Italiaanse) fascistische staat een in de hoogste mate democratische staat is, die nauw verbonden is met het volk.

De nazi-staat zit in het zelfde spoor. De parlementaire democratie is opgedoekt, maar de Führerstaat heet de mooiste vorm van democratie die er bestaat. In deze visie herkennen we de hand van de jurist van het Duitse nazisme, Carl Schmitt (1888-1985), die de lugubere activiteiten tijdens de ‘Nacht van de lange messen’ (waarin Hitler een groot aantal van zijn tegenstanders laat ombrengen), zal verdedigen in zijn artikel getiteld ‘Der Führer schützt das Recht’ (in: Deutsche Juristen-Zeitung van 1 augustus 1934).

Om de machtspositie in te nemen die hij begeert, legt Hitler, na de nederlaag in 1923, het putschisme af. Hij opteert dan voor de legale strijd om de macht via de weg van de verkiezingen. Hij zal uiteindelijk zijn doel bereiken, waarna de Führerstaat wordt ingesteld. Dit overigens ondanks het feit dat Duitsland dan al ruim veertig jaar ervaring heeft met het algemeen kiesrecht en het bestaan van een (liberale) constitutie. Die laatste is in het Duitse totalitaire tijdperk niet afgeschaft, maar buitenwerking gesteld – door de hantering van het erin voorkomende  ‘uitzonderingsrecht’.

Hoewel dit alles ruimschoots bekend is, moet het kennelijk toch weer verteld worden. Ik ben er zeker van dat alle auteurs van het bijzondere nummer van R&R op de hoogte zijn van de door Gauchet beschreven gang van zaken. Wie dan toch aan dit soort zaken voorbijgaat, stelt ook niet de vraag hoe het zit met het feit dat het constitutionalisme in de betreffende landen niet een ‘firewall’ tegen die fascistische en nazistische ontwikkelingen wist op te werpen. En vanzelfsprekend vindt men dan ook niet een discussie over de elementen die heden het constitutionalisme moet incorporeren om herhaling te voorkomen. Het wordt kennelijk voldoende geacht dat na 1945 in delen van Europa opnieuw een metamorfose van de democratie plaats vindt.

Dat houdt dan een teruggrijpen naar de parlementaire democratie in. De beschrijving van dat proces vindt plaatst in het laatste deel van het boek van Gauchet. Het omvat rond de honderd pagina’s en draagt de titel ‘De democratie opnieuw uitgevonden’. Oude koek in hier en daar een nieuw jasje. In die naoorlogse periode kan overigens de fascistische dictator Franco een concordaat met het Vaticaan sluiten (augustus 1953), welke overeenkomst het rooms-katholicisme tot staatsreligie maakt en de inquisitie instelt…

Tot nu toe heb ik slechts aandacht gehad voor de kritiek op de representatieve democratie ter rechterzijde van het politieke spectrum. Opmerkelijk is dat ter linkerzijde van dat spectrum een zelfde soort kritiek wordt geproduceerd. Ook hier de constatering van de afnemende legitimiteit van het vertegenwoordigende systeem en een afwijzing van de kwantitatieve wijze (stemmen tellen) van besluitvorming over de hoofden heen van hen voor wie wordt besloten.

Participatie-democratie

De kritiek vanuit die hoek is niet nieuw. Al in 1874 publiceert de Franse activist Paul Brousse (1844-1912) daarover zijn tekst getiteld Le suffrage universel et le problème de la souveraineté du peuple (heruitgegeven in 2010). We vinden die kritiek terug bij Marianne Maeckelbergh in haar boek getiteld The Will of the Many. How the Alterglobalisation Movement is changing the Face of Democracy. Die kritiek levert bij haar de aanzet om over een metamorfose van de democratie te spreken die in een libertaire visie past.

Ook bij haar vinden we een hoofdstuk over het opnieuw uitvinden van de democratie. Maar waar het bij Gauchet gaat om het herstel te constateren van de vooroorlogse status quo, verwoord in het hoofdstuk ‘La démocratie réinventée’, verwijst Maeckelbergh in het hoofdstuk getiteld ‘’Reinventing Democracy’ naar een wordingsproces. Waar heeft Maeckelbergh zich mee beziggehouden?

Als activiste heeft zij onder meer voorbereidingsvergaderingen van de andersglobaliseringsbeweging mee helpen organiseren en bijgewoond op plaatselijk, landelijk en wereldniveau (Europees Sociaal Forum, Wereld Sociaal Forum en de autonome secties van de mobilisaties tegen de G8-top). Tegelijk heeft zij als antropologe, werkzaam aan de universiteit van Leiden, ‘veldwerk’ verricht door de besluitvormingsprocessen in die beweging te beschrijven. Daarbij wordt een theoretisch begrip gebruikt om de visie op die processen te verwoorden, te weten prefiguratie.

Andersglobalistische bewegingen hebben in hun vaandel dat de toekomstige maatschappij zo zal zijn ingericht, dat beslissingen gelden voor degenen die zelf aan het besluitvormingsproces hebben deelgenomen. In zo’n geval ligt het voor de hand de vorm van democratie die dit bewerkstelligt, in de eigen organisatie reeds in de praktijk te brengen. In dat geval kan men over de andersglobalistische bewegingen spreken in termen van ‘prefiguratieve bewegingen’, te weten ‘bewegingen die de toekomst creëren in hun hedendaagse sociale relaties. Sociale verandering wordt niet naar een latere datum geschoven…’, aldus Maeckelbergh.

De andersglobaliseringsbeweging is een ‘beweging van bewegingen’. De actoren van die bewegingen zijn zeer divers. Dit niet tegenstaande komen die actoren bijeen in een bepaalde structuur en maken collectieve besluitvorming mogelijk. Ondanks grote meningsverschillen ontstaat er eenheid rond de praktijk van die besluitvorming.

Het blijft evenwel eenheid in verscheidenheid. Aan de ene kant is er geen sprake van één ‘eenheid’ in de zin van één enkele doel. Wel zijn er, wat Maeckelbergh noemt, ‘bronnen van eenheid’. Die bestaan onder meer uit de oppositie tegen de neoliberale mondialisatie en multilaterale organisaties, de verwerping van het kapitalisme, de anti-oorlogshouding, de keuze voor directe actie en de algemene instelling van ‘verzet’.

Een andere bron is de afwijzing van de representatieve democratie. Dit hangt samen met de verwerping van ‘stemmen’ als beslissingsmodel. Het is de participatie-democratie die er voor in de plaats komt, omdat die het mogelijk maakt dat actoren deelnemen aan een besluitvormingsproces in de vorm van consensusvorming. Het getal (de meerderheidsregel) wordt ingewisseld voor het argument (consentbeginsel): een besluit wordt pas genomen als niemand tegen is (‘geen bezwaar’).

Wat het boek van Maeckelbergh interessant maakt is niet alleen de beschrijving van besluitvormingsprocessen in de andersglobaliseringsbeweging, maar vooral ook de meer theoretische verwerking van het thema ‘democratie in sociale bewegingen’. De liberale representatieve democratie blijkt telkens weer de legitimatie te leveren voor autoritaire prakrijken. Wijs je dit af, dan ga je vanzelf op zoek naar een andere vorm van democratie die dat soort praktijken niet dekt, in dit geval de participatie-democratie.

Deze democratie vraagt naar ‘Hoe wordt er beslist?’, in tegenstelling tot de representatieve democratie waar de vraag aan de orde is ‘Wie beslist?’ (de ‘vertegenwoordigers’). Voor het antwoord op de eerste vraag wordt verwezen naar de toepassing van ‘consensusvorming’. In het proces van besluitvorming vormt dit het brandpunt in de participatie-democratie.

De prefiguratieve bewegingen bedrijven prefiguratieve ‘politics’. Deze zijn sterk door het anarchisme beïnvloed door de toepassing van beginselen van solidariteit, pluralisme, gelijkheid, horizontaliteit. De andersglobaliseringsbeweging claimt het woord ‘democratie’ dan ook niet alleen om het te bevrijden van de gangbare restrictieve definitie die een verwijzing vormt naar ‘parlementarisme’. Ze bevrijdt ook zichzelf daarmee van de concentratie op ‘stemmen’ (de kwantitatieve benadering van beslissen, namelijk stemmen tellen).

Het gaat dus niet om een alternatief voor democratie. Het betreft een andere democratie, die gedragen wordt door beginselen als prefiguratie, horizontalisatie, diversiteit, decentralisatie, netwerk structuur, zo betoogt Maeckelbergh. De democratie heeft zo opnieuw een metamorfose ondergaan. De beginselen ervan staan overigens geenszins haaks op klassieke democratische beginselen als vrijheid, gelijkheid, participatie, vertegenwoordiging. Die andere democratie daagt ze uit om zich waar te maken.

Bloedtransfusie?

Kom ik nu terug op de bijdragen in het bijzondere nummer van R&R dan mis ik de behandeling van de fundamentele kritiek op de parlementaire democratie als hierboven geschetst. Daardoor blijft ook onbehandeld hoe het komt dat die vorm van democratie niet bestand was tegen ‘fascistisatie’ van de maatschappij. Het is alsof dat verleden in die zin niet meer telt. Onderwijl worden we nu bijvoorbeeld met een ‘creeping authoritarianism’ geconfronteerd.

Evenmin komt men de bespreking tegen van voorstellen en (beperkte) praktijken van weer andere metamorfoses van democratie ter linkerzijde van het politieke spectrum (daartoe reken ik ook wat tijdens de sociale revolutie in Spanje aan democratische vormen is ingesteld). Door de afwezigheid van dit al in de bijdragen van het bijzondere nummer van R&R is op te merken dat het wel knappe, ingewikkelde teksten zijn maar dat die vooral bloedloos zijn gebleven.

Met de bespreking van de twee recente teksten van Gauchet en Maeckelbergh, waarin een overstelpende hoeveelheid literatuur is verwerkt, heb ik beoogd aan te geven waar onder meer bloeddonoren te vinden zijn om de staatsrechtswetenschap en het constitutionele recht van een opkikker (‘bloedtransfusie’) te voorzien. Maar het is tegelijk moeilijk voorstelbaar dat juristen in functie – als docent of ambtelijk (top)medewerker – gevoelig zijn voor zo’n opkikker. Zij zouden zich ermee buiten de orde stellen…

Thom Holterman

 

GAUCHET, Marcel, À l’épreuve des totalitarisme 1914-1974, deel III van L’Avènement de la démocratie, Éditions Gallimard, Paris, 2010, 661 blz.

MAECKELBERGH, Marianne, The Will of the Many. How the Alterglobalisation Movement is Changing the Face of Democracy, Pluto Press, London, 2009, 284 blz.

WALKER, Neil, Constitutionalism and the Incompletness of Democracy. Historical, Constitutional and Philosophical Comments, in: Rechtsfilosofie & Rechtstheorie, Special Issue, 39ste jaargang, 2010 / 3, p. 203-292.

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: