Skip to content

Mondialisering: politieke term voor Georganiseerde Onzekerheid

27/04/2011

Hoe ervaart men in arbeiderskringen en volksbuurten (milieux populaires) de economische crisis? De Franse socioloog, specialist op het vlak van het opinieonderzoek, Alain Mergier, deed daar in de Franse samenleving onderzoek naar. In een interview met Le Post (5 april 2011) vat hij resultaten daarvan samen. Die lijken mij alleszins toepasselijk voor de Nederlandse samenleving en wat daar politiek gezien aan de orde is.

De afgelopen twee jaar heeft er een vermindering van het gezinsbudget plaatsgevonden. Eerst was de ‘crisis’ nog iets van ‘morgen’, nu is die voor velen van ‘heden’. Met name vanaf begin 2011 hebben zich prijsverhogingen voor gedaan wat betreft: verwarming, huren, voeding, brandstof… Men krijgt de betaling van de maandelijkse lasten niet meer rond, zo leren ze Mergier. Het dagelijks leven wordt als steeds dreigender ervaren.

Dan wordt er een tweede verschijnsel opgemerkt. Er wordt onderkend dat een reëel bestaande ‘financiële oligarchie’ van dit alles goed weet te profiteren. Die oligarchie wordt mede uitgemaakt door de ondernemingen die de CAC 40 van de Parijse beurs vormen [bedoeld worden de 40 belangrijkste bedrijven aan die beurs]. Die melden historische resultaten, dat wil zeggen miljarden euro’s aan nettowinst, terwijl zij, de mensen uit de volksbuurten, de financiële moeilijkheden steeds sterker voor hun kiezen krijgen.

Dit tweede verschijnsel wordt door die mensen als een fundamentele onrechtvaardigheid gevoeld. Zij leggen daarbij een oorzakelijk verband tussen twee bewegingen: ‘des te beter het die financiële oligarchie gaat, des te beroerder heb ik het’, ‘des te armer ik word, des te meer zij zich weten te verrijken’. Die mensen dragen vanuit de media ook kennis van de verschillende politiek-financiële schandalen (Woerth-Bettencourt) rond onterechte verrijking. Daaruit maken zij het bestaan op van verstrengelingen tussen politici en de financiële oligarchie [vergelijk voor Nederland hoe makkelijk politici een directieplaats in grote bedrijven verwerven]. Er is sprake van een dynamiek en die heeft voor de gewone man een naam, zegt Alain Mergier: mondialisering.

De kosten van de mondialisering, zeggen zij, worden op de schouders van ons, mensen uit de arbeidersklasse en kringen uit de volksbuurten gelegd. Die gesignaleerde dynamiek noem ik ‘georganiseerde onzekerheid’ (een term die ik ontleen aan de socioloog Karl Mannheim, Mensch und Gesellschaft im Zeitalter des Umbaus, 1935). Zijn de zaken ook anders te organiseren?

Het definitieve antwoord heb ik ook niet in pacht, maar het volgende wil ik er wel over kwijt: als we maatschappelijk niet aansturen op een postkapitalistische situatie, blijft het soort onzekerheid waarover we spreken fundamenteel onveranderd. Want je hebt werkelijk de term ‘mondialisering’ niet nodig om het kapitalistische systeem in zijn werking te begrijpen.

Arthur Lehning (1899-2000) schreef daarover eens een kort en bondig betoog getiteld ‘De nieuwe economen’ (opgenomen in zijn bundel Prometheus en het recht van opstand, 1980). Hij vertelt daarin over wat hem in zijn jeugd van de colleges economie is bijgebleven: een schoenfabriek is er niet om schoenen, maar om winst te maken. Al lang voor dat er sprake is mondialisering gold als uitgangspunt van economisch handelen dat de ‘rentabiliteit van het kapitaal’ dient als kompas en regulator. Daardoor wordt de kapitalistische machinerie voor het welzijn van allen aan de gang gehouden, heet het.

Maar er bleek iets te zijn misgegaan, merkt Lehning koeltjes op: schoen- en andere fabrieken functioneerden niet meer en de industriële wereld telde dertig miljoen werklozen (± 1930). Dit alles werd door een nieuwe crisis opgelost: ‘terwijl miljoenen werklozen door miljoenen doden worden afgelost, bleven toch de fabrieken op volle toeren draaien (…)’. Voer voor economen, voegt Lehning er sarcastisch aan toe. Nadat alles volgens een nieuw economisch recept wordt opgebouwd en de welvaarts- en verzorgingsstaat verschijnt, gaat er blijkbaar toch weer iets mis, gezien het huidige [1980] aantal van miljoenen werklozen, meldt Lehning…

Zo repeteren economische crisis onder het kapitalisme. Er is dus een dynamiek, maar dan een destructieve, eentje die onzekerheid organiseert. Ook anno 2011. De effecten worden gevoeld, zoals we zagen en wie werpen zich op om daar wat aan te doen? In Frankrijk ziet men onder meer het extreem rechtse Front national (FN) zich sterk maken.

Het FN heeft zich geheel ingeschreven in de geschetste mondialiseringdynamiek. Daarmee spreekt zij de taal van de volksklassen. Politiek gezien heeft dat in het verleden niet een al te groot effect gehad vanwege de ‘foute’ uitingen. Om dat te stoppen is door de huidige leiding van het FN bij monde van Marine Le Pen een ont-diaboliseringsstrategie ontwikkeld. Onlangs nog zette zij een jonge, verkozen FN-er uit de partij, die zich had laten fotograferen terwijl hij de nazi-groet bracht, wat niet meer wordt getolereerd. Zo wordt het meer en meer een nette partij… De vraag aan Alain Mergier is dan of dit alles er ook toe leidt dat de FN zich verwijdert van haar traditionele thema’s als: immigratie, onveiligheid… Het antwoord is uitdrukkelijk ontkennend.

De kwestie van de migratiestromen maakt namelijk een ander deel uit van de mondialiseringdynamiek. Op de site van de FN is dan ook te lezen: ‘De bron van bijna alle ellende die ons land ondervindt, wordt veroorzaakt door de migratiepolitiek van de laatste dertig jaar’. Dit sentiment tegen buitenlanders wordt alleen niet meer uitgespeeld via een racistische connotatie of vreemdelingenhaat, maar via een economische argumentatie. ‘Men [de regering] houdt niet op ons te zeggen dat er geen geld meer is [daarom bezuinigingen in de sociale zekerheid, gezondheidszorg, pensioenen, etc.] en dat er geen werk meer is [grote werkloosheid onder bepaalde bevolkingsgroepen]. Hoe zouden we dan al die arme drommels die van elders komen kunnen helpen?’.

Er maakt nog een volgende kwestie deel uit van de mondialiseringdynamiek: het aanwijzen van zondebokken. Zo wordt de islamofobie gezien als een symptoom van een natie die zich niet op zijn gemak voelt binnen de dynamiek van de mondialisering. Het is een obsessie die delen van het gedeclasseerde Europa in zijn greep houdt, zo analyseert Nicolas Truong in Le Monde (23 april 2011). En om een uitweg te vinden is men opzoek naar de binnenlandse vijand, fabriceert men zondebokken. Dat kan wel zo zijn, maar is dat niet als een ‘constante’ te onderkennen? Dit soort zoektochten is immers vaker en al ruim voor de tijd van de ‘mondialisering’ ondernomen…?

Thom Holterman

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: