Skip to content

Autoritarisme op Herhaling en Zwendel als neo-liberale Cultuuruiting

09/05/2011

De verrechtsing in Europa zet door. Zo lijkt het althans. Natuurlijk vraagt dit om bestrijding. Maar welke methodes zijn daarbij het effectiefst? Om op die vraag antwoord te geven, zal men onder meer analyses moeten maken van de grondslagen van die verrechtsing. Velen houden zich daarmee bezig. De nieuwste uitgave van het Franse tijdschrift VACARME, een tijdschrift tussen kunst en politiek, geleerd en activist, zoals het zich noemt, heeft een groot deel gewijd aan de vraag of we met nieuwe vormen van fascisme van doen hebben? Komt daar ook het antwoord op?

Het antwoord op de hierboven gestelde vraag kan ik meteen weggeven: het beschrijft geen nieuwe vormen. Wat doet het dan wel? De aanleiding om dit nummer te maken is het uitgeoefende Franse overheidsgeweld ten opzichte van vreemdelingen, zoals het oppakken en uitzetten van Roma’s. Dit soort zaken heeft er toe geleid dat de redactie zich afvroeg: leven we opnieuw in de jaren dertig? Steekt het fascisme weer de kop op? Moeten we een nieuw ‘Vichy’ vrezen met 2012, de presidentsverkiezingen, in het zicht?

Vervolgens vroeg men zich af of dit alles niet zo zwaar is aangezet dat de kritiek het risico loopt zich te diskwalificeren of niet effectief zou blijken te zijn wanneer steeds weer alles tot één persoon wordt herleid (reducio ad Hitlerum, ad Mussolinum of ad Petainum)? Als het dan al geen nieuw fascisme is, dan op zijn minst zijn er wel vormveranderingen aan de orde en verspreid het autoritarisme zich als een virus. ‘Autoritaire macht op herhaling’ wordt het ook in dit nummer genoemd (met een verwijzing naar de politieke situatie in Hongarije).

Dat is men gaan uitwerken door bepaalde in het oog lopende elementen te analyseren (vormveranderingen: van rechtsstaat tot staat van de ergste soort), door situaties in bepaalde Europese landen te beschrijven (Hongarije, Italië), door het denken en handelen van bepaalde personen te doorgronden (Geert Wilders, Berlusconi). Geopend wordt met de beschrijving van de uitvinding van de ‘vlottende’ zondebok door Lise Wajeman en Pierre Zaoui.

Vlottende zondebok

Uitgangspunt van de beschouwing is dat het tegenwoordig kennelijk voldoende is om duidelijk te maken dat men het antisemitisme verwerpt om daarna gemachtigd te zijn een legitiem racisme tegen andere minderheden dan joden te bedrijven.

De rechtse politieke blokken zijn naarstig op zoek gegaan naar nieuwe zondebokken, in dit geval niet meer naar zo’n ideale figuur als de ‘de Jood’, maar naar een wat onduidelijke, vlottende figuur: de Arabier, de moslim, de Roma, de zigeuner, de arbeider uit de landen van Oost Europa, de arme immigrant of de vreemdeling in het algemeen. Dat is strategisch handig: de ene keer worden al deze figuren op een hoop geveegd, de andere keer wordt de ene figuur tegen de andere(n) uitgespeeld…

Deze ‘vloeibare’ eenheid dient argumentatief verschillende doelen, waaronder die van het bieden van bescherming tegen een racismeverwijt, door er op te wijzen dat er geen sprake is van antisemitisme. Dit is natuurlijk te ontmaskeren als een onzinnige verdediging. Zo is het bijvoorbeeld duidelijk dat het Nederlandse vreemdelingenrecht racistisch is omdat het een onrechtvaardig verschil naar huidskleur maakt.

Niet expliciet, maar impliciet: het vreemdelingenrecht trekt concentrische cirkels waarbinnen privileges gelden. Wie het dichtst bij Nederland woont (dus in de kleinste cirkel voorkomt) wordt vreemdelingrechtelijk meer geprivilegieerd, dan wie van verder komt. En wat zien we dan aan verandering van huidskleur? Hoe verder van Nederland verwijderd, hoe minder wit men is… Om toch een plaats in Nederland te veroveren moet, wat ik heb genoemd, een vreemdelingrechtelijke ‘guerrilla’ worden gevoerd (zie mijn Vreemdelingenrecht, Toelating en verblijf van vreemdelingen in Nederland, Deventer, 2002, zesde druk, p. 83-85). Dit heeft niets met antisemitisme van doen. Het is ‘onderhuids’ racisme. Dat is wat zich vervolgens onverholen doorzet bij het gebruikmaken van de ‘vlottende zondebok’ figuur.

Jérôme Jamin werkt dit in Vacarme uit aan de hand van het verschijnsel ‘negatieve identiteit’, in een artikel dat de titel draagt ‘Oude praktijken, nieuwe gezichten, Geert Wilders en extreem rechts in Europa’. Negatieve identiteit is wat hij noemt een polemische structurering van het begrip ‘identiteit’. Dit begrip voedt zich met elementen die ongewenste identiteiten zodanig markeren dat dit tot uitsluiting leidt, zelfs aanzet tot haat jegens en ontkenning van andere identiteiten dan de wenselijke.

Wat Jamin laat zien is dat het nationalisme van extreem rechts het verschijnsel van de ‘negatieve identiteit’ activeert tot in een biologische metafoor aan toe, door ‘gezonde mensen’ (de ‘echte’ Nederlander, Fin, Hongaar, etc) te zetten tegenover de ‘parasieten’ (binnen en buiten de landsgrenzen). Die parasieten moet men zien te neutraliseren. De binnenlandse vijand is daarbij ondertussen ‘vlottend’ geworden. Hoe krijg je dit in hemelsnaam rond binnen een ‘liberale’ denkwereld? Ook aan die vraag wordt in Vacarme aandacht besteed.

Neo-nationaal-liberalisme

De mechanismes die een rol spelen heeft men ondergebracht in de naam ‘neo-nationaal-liberalisme’. Daarin zijn gemengd: economisch liberalisme met nationalistische aanpassingen en ‘vermaatschappelijkt’ nationalisme met liberale aanpassingen. Aldus ontstaat een amalgaam van een aantal verschijnselen gelegen tussen economie en maatschappij binnen een neo-liberaal model waarin alle waarden en stigma’s vlottend worden als de prijzen in een marktsituatie. Aldus de auteurs levert dit op een maatschappij:

–       die geen pathologische, politieke haat kent als bij de oude nazi’s, maar een voortdurende variatie van de waarde van individuen en gemeenschappen;

–       die geen politiek van essentialistische hiërarchie van rassen en culturen kent, maar een regulatieve politiek, die een naturalistisch model volgt, zelfs een quasi-biologische, van ‘stromen’ opgejaagde bevolkingsgroepen (de Roma’s bijvoorbeeld);

–       die zelfs niet een nationalistische politiek kent, maar een politiek waar de xenofobe verkramptheid en veiligheidsmanie geïndexeerd is als beursschommelingen van nationale en internationale waarden (denk nu aan de ‘golf’ (!) Tunesiërs en de politieke strijd daarover tussen Berlusconi / Sarkozy, leidend tot aanpassingen binnen het Verdrag van Schengen).

Het gaat dus om een politiek die totalitair noch anti-totalitair is, een politiek die een ieder evenals elke bijzondere gemeenschap vrij laat en waar een ieder vrij is zich op elk moment te bedienen van een tijdelijke zondebok ten behoeve, niet van de nationale gemeenschap, maar van hen die deze gemeenschap besturen.

Er zit dan ook opmerkelijk veel ‘vrijheid’ in de naamgeving van rechtse partijen: Partij voor de vrijheid (Wilders), Partij van de vrijheden (Berlusconi). Werd dit al niet, in de jaren tachtig, behandeld onder de noemer ‘legaal cynisme’ door ‘Jacobse en van Es’, de vrije jongens van het Binnenhof? Kees van Kooten en Wim de Bie voerden toen, dertig jaar geleden, die ‘vrije jongens’ als spel op. De Europese bevolking heeft nu in het echt met hen te maken. Het spel is bittere ernst geworden (ongeëvenaard ‘Jacobse en van Es’; hen zien? Klik HIER)

In het voornoemde neo-nationaal-liberale perspectief gezet beseft men dat de koers van de jood, de vrouw, de homoseksueel heden ten dage in de lift zit, zo wordt in Vacarme opgemerkt. Het ongelukkige voor hen allen is dat zij de wind in de zeilen hebben, niet omdat zij zijn die zij zijn, maar vanwege de antisemitische, macho of homofobe karikatuur (hier speelt de ‘negatieve identiteit’ een rol):

– de jood bevalt op voorwaarde dat hij blank, rijk en geassimileerd is;

– de vrouw bevalt als zij een ‘stuk’ is in minirok waarmee zij de stuipen op het lijf van gebaarde moslims jaagt;

– de homoseksueel bevalt in de hoedanigheid van een onwaarschijnlijke synthese van jood en vrouw – blank, rijk en die opnieuw seksueel de baardmannen de stuipen op het lijf jaagt.

Zwendel

Het meest ongelukkige voor hen die in de lift zitten zijn dus de variërende koersen. Dat is triest maar onvermijdelijk: het drama van de beurs. En die beurs, maar nu in financiële zin bedoeld, daar draait het natuurlijk allemaal om. Kunst is om op zo’n kort mogelijke termijn de zakken te vullen. Daar wordt alles voor ingezet waarvan hier boven sprake is. Dit kan Adam Smith (1723-1790; filosoof en econoom; grondlegger van het kapitalisme) niet bedoeld hebben en hij heeft het niet zo bedoeld! In de beide artikelen in Vacarme die over Italië gaan wordt het ‘drama’ breed uitgemeten. Salvatore Palidda schrijft er over in ‘Italië: laboratorium van de staat van de slechtste soort’.

Daar komt de ‘vormverandering’ aanbod die mogelijk maakt dat: legaliteit wordt omgezet in illegaliteit, democratie in autoritarisme, publiek in privaat en dat fiscale fraude en illegale constructies herhaaldelijk worden gepardonneerd. Dit alles verhoudt zich uitstekend met de neo-liberale ontwikkeling. Palidda werkt dit nader uit in wat heet de ‘asymmetrie van de macht’. Het is om dit type machtssysteem te handhaven en uit te breiden dat Berlusconi en de zijnen permanent in oorlog zijn tegen de rechterlijke macht.

Dit correspondeert weer met alles wat aan ‘zwendel’ te verzinnen is. Lynda Dematteo schrijft daarover in Vacarme onder de titel ‘Antropologie van de imbroglio’ (imbroglio, legt zij uit, is Italiaans voor alles wat met zwendel, bedriegen, te sluw af zijn te maken heeft). Historisch verwijst het begrip naar de handige snuiter die op een slimme manier zijn slag slaat. In Italiaanse toneelstukken van enkele eeuwen terug was de rijke of een vreemdeling het slachtoffer van het gedrag van die snuiter. Bij Berlusconi, die de rol van de vlerkerige snuiter in het echt speelt, is het omgekeerd. Niet de rijke maar eenieder die hem in de weg zit is slachtoffer. Dit blijft niet beperkt tot Berlusconi, we zien ook Sarkozy de rol van vlerkerige snuiter spelen en Rutte past die rol ook perfect. Het zijn de dienaren van de rijken. Het vlerkerige gedrag is het rolpatroon van de leidersfiguur in het spel van de ‘vrije jongens’ die de ideologie van het neo-liberalisme uitdragen. Het is voor hen een cultuuruiting. Op het moment dat genoeg mensen dit alles doorzien, vallen die lui door de mand. Er is dus nog hoop op betere tijden…

Thom Holterman

VACARME, nummer 55, voorjaar 2011, 94 fraai vormgegeven pagina’s, prijs 10 euro (zie verder de site van het tijdschrift: klik HIER).


One Comment leave one →
  1. 16/06/2011 22:31

    Kameraden,
    Laat je niet misbruiken de extreem-rechtse, fascisme-achtige bendes de strijd aan te binden.

    Het gebruik van het fascisme, deze barbaarse vorm van kapitalistische overheersing, als één van de mogelijke politieke beheersvormen van de bourgeoisie om de weg naar een nieuwe algemene oorlog te effenen, is op dit moment geen reële optie voor de bourgeoisie. Daarvoor heeft de arbeidersklasse in de afgelopen jaren laten zien over teveel potentieel aan strijdbaarheid en verzet te beschikken.

    De arbeidersklasse kan niet meegaan in de keuze voor het ‘anti-fascisme’, omdat die kant van de bourgeoisie heeft laten zien dat ze net zozeer de levensomstandigheden van de arbeiders bedreigen en aanvallen als de rechtse krachten. Je hoeft alleen maar te kijken naar Zapatero in Spanje of Jorgos Papandreou in Griekenland. Deze ‘socialisten’ vallen in eigen land de arbeidersklasse in de rug aan en gaan naar buiten toe ermee door de imperialistische belangen van de staat die ze vertegenwoordigen.

    Maar beweren dat het fascisme niet op de agenda staat en dat de bourgeoisie liever gebruik maakt van de democratische beheersvorm, moet ons niet tot de verkeerde conclusie leiden. De democratische staat is zeer goed in staat om, als dat nodig mocht zijn, een harde repressie uit te oefenen tegen de arbeiderstrijd of tegen minderheden in de klasse (kijk maar naar 1 mei jongstleden). Ze is net zo goed in staat, als dat nodig mocht zijn, fascistisch-achtige of extreem-rechtse bendes tegen de onze strijd inzetten.

    De bourgeoisie maakt van de strijd tussen ‘anti-fascisme’ en ‘fascisme’, of tussen een abstracte vorm van ‘vrijheid’ en ‘totalitarisme’, de essentie van de strijd van de 21e eeuw. Dit is een pure misleiding, omdat het dezelfde bourgeoisie, dezelfde kapitalistische staat is die, al naar gelang de noodzaak en de historische mogelijkheden net zo gemakkelijk gebruik maakt van de ene vlag (wolf) als de andere (schaap) om haar om de uitbuiting op te drijven en onderdrukking van de eigen ‘bevolking’ te verhevigden.

    arjan

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: