Skip to content

WikiLeaks avant la lettre: Daniel Ellsberg

08/09/2011

[in De AS nr. 175 te vinden als rubriek : STERKE VERHALEN 8]

Nu de politieke en juridische vervolging van Julian Assange, de initiator van WikiLeaks, in een cruciale fase lijkt te belanden is het interessant om te bezien hoe het zat met een zaak die op allerlei punten gelijkenis vertoont, namelijk die van het lekken van de Pentagon Papers over de oorlog in Vietnam. Daniel Ellsberg, analist van het Pentagon en werkzaam bij de denktank RAND Corporation, kreeg in die hoedanigheid tijdens de Vietnamoorlog beroepshalve essentiële informatie onder ogen over de rol van de VS in de aanloop naar die oorlog, over het optreden van de Amerikaanse troepen en het verhullen door de regering van de feiten. Ellsberg kon zijn kennis over de werkelijke toedracht en de politieke leugens waarmee die werd verhuld op zekere dag niet meer voor zich houden. De vergelijking met de zaak Ellsberg betreft niet alleen Assange, maar ook diens vermoedelijke bron Bradley Manning, die net als Ellsberg werkzaam was als inlichtingenanalist van het Amerikaanse leger en na gewetenswroeging onder meer de leverancier werd van de geheime militaire video die WikiLeaks op 5 april 2010 publiceerde.

Daarop was te zien hoe de Amerikanen op 12 juli 2007 in Bagdad elf Irakezen, onder wie twee medewerkers van Reuters, koelbloedig vermoordden met als enige verdenking, dat sommige van de slachtoffers wapens leken te dragen. Het ging om gidsen/begeleiders van de journalisten. Reuters heeft sinds de aanval gepoogd de video te bemachtigen via de Freedom of Information Act, maar tevergeefs. De video, gefilmd vanuit een Apache helikopter, laat zien hoe een gewonde medewerker van Reuters en zijn begeleiders – die op straat lijken te overleggen over het vervoer van de gewonde – worden gedood. Twee jonge kinderen in een busje dat gebruikt zou worden voor het vervoer werden zwaar gewond. De video vormde het spectaculaire begin van de WikiLeaks onthullingen en is sindsdien ook te zien op diverse andere websites onder de titel Collateral Murder.

Bradley Manning werd op 26 mei 2010 op verdenking van het onthullen/doorspelen van staatsgeheimen gearresteerd door agenten van het US Army Criminal Investigation Command en zit nog altijd opgesloten onder bedenkelijke omstandigheden. Behalve voor het doorgeven van de video wordt hij ook gezien als leverancier van zo’n 260.000 diplomatieke telegrammen die vanaf oktober 2010 door WikiLeaks werden gepubliceerd en een verbijsterend cynisch beeld geven van de buitenlandse politiek van de Amerikanen en hun bondgenoten. Manning werd op 29 juli 2010 overgebracht naar de gevangenis van Quantico in Virginia. Hij zit daar in volstrekte afzondering en staat onder ‘suicide watch’, hetgeen onder andere betekent dat hij voortdurend wordt gecontroleerd en dat ook ’s nachts het licht in zijn cel blijft branden. Een vergelijking met het beruchte concept Iso­lationsfolter van het Duitse Bundes­kriminalamt uit de jaren ’70-’80 lijkt gerechtvaardigd. Op grond van de uitgebrachte aanklachten kan Manning veroordeeld worden tot 52 jaar detentie. Een congreslid van de Republikeinse partij heeft in augustus 2010 in een interview gezegd dat hij vindt dat Manning de doodstraf verdient als hij inderdaad het lek van de documenten is.

Voor het lekken van de Pentagon Papers in maart 1971 aan de New York Times en zestien andere grote kranten van verschillende mediaconcerns, zijn Daniel Ellsberg en zijn medeplichtige bij RAND, Anthony Russo, uiteindelijk niet veroordeeld. Dat kan op zichzelf niet direct een opsteker zijn voor Bradley Manning, tenzij zijn verdediging er in zou slagen om doofpotpraktijken of andere onwettige machinaties van zijn meerderen aan te tonen. De vrijspraak in het proces van Ellsberg en Russo werd immers pas mogelijk toen dit soort smerigheden konden worden aangetoond. Het ging om de ‘Plumbers Unit’ van VS-president Richard Nixon, het later door Watergate bekend geworden special investigations-team van de staf in het Witte Huis.

Dit team voorzag Nixon in de loop van 1972 door onder andere inbraken en afluisterpraktijken bij de Democratische partij van cruciale informatie over de campagne van Edmund Muskie om de nominatie als presidentskandidaat van de Democraten. Muskie raakte door de constante stroom van desinformatie op basis van het afluisteren van slag en werd afgeserveerd. Vervolgens trad senator George McGovern aan als zijn vervanger, maar die maakte door radicale standpunten geen werkelijke kans. Nixon won zijn herverkiezing dan ook met grote overmacht.

Tijdens het proces tegen Ellsberg en Russo werd duidelijk dat het (naar later zou blijken:) zelfde ‘loodgieters’-team dat in het Watergate Hotel had ingebroken ook de praktijk van Ellsbergs psychiater wederrechtelijk was binnengedrongen om eventueel belastend materiaal over hem te kunnen publiceren. Dit was één van de aangetoonde smerigheden waarop de rechter uiteindelijk besloot om alle klachten tegen Ellsberg en Russo in te trekken nog vóór de grand jury zich daarover kon uitspreken. Hij bestempelde het proces als een mistrial, een mislukte rechtszaak. Er was sprake van meer machinaties – zo werd de rechter bij een voor de regering gunstige veroordeling de hoge baan van directeur van de FBI beloofd – maar het gerechtshof wist de rug recht te houden: met dergelijke acties had de regering een eerlijk proces zelf onmogelijk gemaakt (‘Improper government conduct’), zodat de aangeklaagden ontslagen moesten worden van rechtsvervolging. Dat was uiteraard een overwinning voor Ellsberg en de war resisters movement waar hij intussen deel van uitmaakte.

Maar daardoor was het Federal Court feitelijk ook niet toegekomen aan een oordeel over de rechtmatigheid van het lekken van geheime militaire informatie, wanneer je de kennis van die informatie niet meer in overeenstemming met je geweten kunt brengen. Wat dat betreft is het interessant te vernemen wat de verdediging van Bradley Manning te berde zal brengen.

Is het nog ongewis of Manning en zijn verdediging machinaties of andere vuiligheid aan kunnen tonen, de principiële rechtsvraag bij de beoordeling van de rol van WikiLeaks – zodra Assange of een van zijn medestanders ook formeel worden beschuldigd van het publiceren van staatsgeheimen – stemt op grond van het verloop van de Ellsberg-zaak beslist optimistisch. Op 1 juli 1971 besliste het Supreme Court in een historische uitspraak (zes rechters vóór, drie tegen) dat de New York Times en de Washington Post, die een publicatiestop voor wat betreft de Pentagon Papers opgelegd hadden gekregen, konden doorgaan met hun publicaties. Want, aldus een van de rechters: ‘The press must be left free to publish whatever the source without censorship, injunction or prior restraint. The press was meant to serve the governed, not the governors.’ (De pers moet vrij blijven en zonder censuur, rechterlijk ingrijpen of voorafgaande dwang bij al hetgeen zij wil publiceren, ongeacht de bron. De pers is bedoeld om de bestuurden te dienen, niet de bestuurders.) Door deze principiële uitspraak van het hoogste gerechtshof in de VS kregen de media daar, met name de grote kranten, meer gezag en een grotere reputatie van onafhankelijkheid dan ooit tevoren. Als het tot een rechtszaak tegen WikiLeaks zou komen, valt niet in te zien waarom WikiLeaks in dezen anders behandeld zou moeten worden dan de toonaangevende media van die tijd.

Toevallig werden juist deze zomer de Pentagon Papers, de 47 delen en 7.000 pagina’s omvattende top secret-rapporten met de staatsgeheimen waar het allemaal om was begonnen, officieel vrijgegeven. Dat was een formaliteit, en bracht ook geen nieuwe ontdekkingen met zich mee, maar het zou nooit gebeurd zijn als Ellsberg en Russo ze niet al gepubliceerd hadden. Wie de zaak tegen Bradley Manning wil volgen en de schermutselingen die waarschijnlijk zullen uitmonden in een vervolging van (de mensen achter) WikiLeaks zal er zeker baat bij hebben zich in de zaak Ellsberg te verdiepen. Een goede start daarvoor kan de in 2009 op dvd gepubliceerde documentaire The most dangerous man in America (een uitspraak van Henry Kissinger over Ellsberg) zijn, met de ondertitel Daniel Ellsberg and the Pentagon Papers. Deze kraakheldere documentaire van anderhalf uur is grotendeels gebaseerd op het boek van Ellsberg Secrets: a memoir of Vietnam and the Pentagon papers uit 2002. Voor de documentaire, samengesteld door Judith Ehrlich en Rick Goldsmith, is ook gebruik gemaakt van de tapes die Richard Nixon van alle gesprekken in het Witte Huis liet opnemen en die hij uiteindelijk na de onthulling van het Watergate-schandaal gedwongen werd vrij te geven.

Daardoor is goed te volgen hoe direct de Amerikaanse president betrokken was bij de pogingen om zijn publieke leugens over de oorlog in Vietnam toe te dekken en hoe hij persoonlijk steeds opnieuw zorgde voor escalatie in de oorlog, dikwijls tegen de adviezen van veiligheidsadviseur Kissinger in, ook al was allang duidelijk dat de oorlog hopeloos was en geen enkele exit-strategie nog eervol kon zijn. Die gesprekken zijn soms regelrecht verbijsterend, zoals de volgende beruchte dialoog in de laatste fase van de oorlog. Nixon: ‘I still think we ought to take the dikes out now. Will that drown people?‘ Kissinger: ‘That will drown about 200.000 people.’ Nixon: ‘Well, no, no, no, no, no. I’d rather use a nucleair bomb. Have you got that ready?’ Kissinger: ‘That I think will just be too much, uh.’ Nixon: ‘A nucleair bomb, does that bother you? I just want you to think big, Henry, for Christsakes.’ Over Nixons persoonlijke betrokkenheid bij de zaak Ellsberg is ook het een en ander te horen, zoals deze uitspraak van hem: ‘Screw the court case. Let’s convict the son-of-a-bitch in the press. That’s the way it’s done.’

Gaan de tapes vooral over Nixon en zijn handlangers in het kwade, de door Ellsberg en Russo doorgespeelde Pentagon Papers bevatten een enorme hoeveelheid informatie die niet alleen het optreden van Nixon inzake de Vietnamoorlog in een bedenkelijk daglicht stelt maar ook dat van al zijn voorgangers sinds de Tweede Wereldoorlog, inclusief John Kennedy. President Kennedy, die destijds voor talrijke kiezers de hoop op moderne hervormingen en democratische vernieuwing vormde, zoals Barack Obama een halve eeuw na hem, loog tegen het Congres en de Amerikaanse bevolking door te suggereren dat hij alleen ‘adviseurs’ naar Zuid-Vietnam had gestuurd om het dictatoriale bewind van Ngo Dinh Diem daar bij te staan tegen de pogingen van het communistische Noord-Vietnam om het regime in het zuiden te ondermijnen. In werkelijkheid waren op dat moment al duizenden Amerikaanse soldaten actief in Zuid-Vietnam, waardoor de betrokkenheid van de VS bij een riskant sluimerend conflict tussen Oost en West al een feit was voor iemand in de States er erg in had. Ook Kennedy’s opvolger Lyndon Johnson loog en schond de Akkoorden van Genève door troepen te sturen en de VS de oorlog in te rommelen na het door hem geënsceneerde Tonkin-incident.

De Pentagon Papers die Ellsberg en Russo doorspeelden lieten zien dat alle internationale legitimiteit aan de oorlog in Vietnam ontbrak, zoals de door WikiLeaks gepubliceerde documenten laten zien dat de VS over die andere illegitieme, want niet door een mandaat van de VN gedekte, oorlog in Irak minstens zo leugenachtig zijn. Het martelen van gevangenen is lang gedoogd en later toegedekt.

Naar honderden gevallen van misbruik van gevangenen wordt eenvoudig geen onderzoek gedaan. Het aantal gesneuvelden blijkt stelselmatig veel hoger te liggen dan Washington bekend maakt. Volgens de door WikiLeaks gepubliceerde verslagen (die tot en met 2009 liepen) komt het aantal oorlogsslachtoffers in Irak op 109.032: 66.081 burgers, 23.894 opstandelingen, 15.196 Iraakse militairen en agenten en 3.771 coalitie-militairen. Het Amerikaanse leger sprak in de zomer van 2010 nog van in totaal ongeveer 77.000 omgekomen Irakezen. Daarbij komen nog de verslagen die bewijs leveren voor oorlogsmisdaden. Het zou gaan om meer dan veertig moordzaken. Assange: ‘Er zijn verslagen van burgers die willekeurig werden gedood bij controleposten, van Iraakse gevangenen die zijn gefolterd door coalitietroepen en van Amerikaanse militairen die een heel huizenblok opblazen omdat er één verdachte op het dak zit.’

De reactie van NAVO-chef Anders Fogh Rasmussen en het Amerikaanse ministerie van Defensie op de publicaties van WikiLeaks waren tekenend: WikiLeaks zou de levens van militairen en burgers in gevaar brengen. Het beste antwoord op dergelijk cynisme verwoordde Ellsberg op een grote anti-oorlogs conferentie in 1972: ‘The courage we need is not the courage or the fortitude of the obedient in the service of an untrusted war, to help conceal lies, to do our jobs for a boss who has usurped powers and is acting as an outlaw governor. It is the courage at last to face honestly the truth and the reality of what we are doing in the world and act responsibly to change it.’

Boudewijn Chorus

[Beeldmateriaal ontleend aan de Engelse Wikipedia]

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: